De woorden respect en waardering horen wij tegenwoordig vaak voorbij komen, echter wordt er te pas en te onpas aangehaald dat het binnen de schoonmaakbranche hieraan ontbreekt. In een post van Rogier Coppejans waarin duidelijk naar voren kwam dat naar zijn mening dit vooral een issue is bij de grotere spelers in onze branche. Hij stelt dat het MKB-personeel meer is dan een naam en een nummer. Rogier benoemt zijn mensen als het belangrijkste arbeidskapitaal. Daar ben ik het dan ook volledig mee eens, want respect en waardering in het MKB is direct zichtbaar op de werkvloer. Daarbij moet ik dan gelijk zeggen dat de afstand tot de werkvloer ook erg klein is. Zo hielp ik tijdens de opstart mee aan een nieuw project. De objectleiding gaf mij een taak en ik begon daar aan. De dames waren eerst wat timide toen ik werd voorgesteld en hielden mij in het oog, maar tijdens de koffie wilde zij het naadje van de kous weten. U bent toch de directeur en de baas van haar? Ja, dat klopt beaamde ik. En u staat nu hier een taak te poetsen? Euh ja, waarom niet? Ik hoef u niet verder te vertellen dat deze dames het amper konden geloven dat de grote baas zelf bijsprong en zijn handen vies maakte.

Mede daardoor gingen de dames het management met hele andere ogen zien, daar het vorige schoonmaakbedrijf hun aan hun lot overliet. En nu springt zowel de directeur als objectleiding bij om hen te helpen, dat vonden zij in 1 woord geweldig. Dit zagen wij dan ook terug in de kwaliteit, omdat zij nu weten dat de leiding ook weet wat schoonmaken is. De leiding bestaat uit mensen die het even goed of beter kunnen, maar het belangrijkste is dat iedereen het jasje uitrekt indien dat nodig is.

Juist dat stukje respect en waardering is niet om te zetten in geld. Deze dames haalden het respect en de waardering uit het feit dat de leiding meeging werken. Dat zij niet aan hun lot werden overgelaten en op een later moment de klachten onder de neus geschoven kregen. Nee, zij weten nu dat wij samen verantwoordelijk zijn voor de afspraken en de kwaliteit.

Dit hebben zij vele malen meer nodig dan 1% meer salaris. Ik moet er dan bij zeggen dat bijspringen (indien nodig) iets is wat structureel kan gebeuren en dat weten zij. En daar halen zij veel voldoening uit. Iets wat Rogier Coppejans treffend heeft beschreven.

Maurice Rutgrink

Voorzitter SIEV